Wiener Werkstätte
De Wiener Werkstätte is een Kunstnijverheidsonderneming waar een groot scala aan Jugendstilhandwerk geproduceerd is. Deze culturele kweekplaats van internationaal belang is daarnaast actief geweest op het gebied van de grafische vormgeving en de architectuur. De oprichting door Josef Hoffmann, Koloman Moser, Fritz Waerndorfer en Carl Otto Czeschka heeft plaats gevonden in mei 1903. Hoffman geeft tot 1931 leiding aan de onderneming.
In tegenstelling tot commerciële ondernemingen is de Wiener Werkstätte hoofdzakelijk gedreven door ideologische en kunstzinnige uitgangspunten. Productie en winstbejag zijn ondergeschikt aan het artistieke scheppingsproces en het ambachtschap, met unieke maar ook dure objecten tot gevolg. De Wiener Werkstätte is vooral gewaardeerd om hun functionele vormgeving. De zakelijk en toch elegante ontwerpen zijn tot in de jaren dertig van de twintigste eeuw toonaangevend. De Wiener Werkstätte heeft zowel kleine sieraden als complete woninginrichtingen geproduceerd. De oprichters willen onder meer komen tot een Gesamtkunstwerk. Kirche am Steinhof in Wenen (vanaf 1903), Sanatorium Westend in Purkersdorf (1904, nabij Wenen) en Palais Stocklet in Brussel (1905-1911) getuigen op overtuigende wijze van dit streven.
De Wiener Werkstätte is dankzij financiële bijdragen van Fritz Waerndorfer ondergebracht in een zeer ruime nieuwbouw. Dit drie verdiepingen hoge bouwwerk is voorzien van werkplaatsen met allerlei technische nieuwigheden en tentoonstellingsruimten. De arbeidsomstandigheden zijn voor die tijd ook bijzonder gunstig. De coöperatie is vrij snel na aanvang internationaal succesvol met filialen tot aan de andere kant van de oceaan als gevolg. Uiteindelijk is de Wiener Werkstätte toch financieel ten ondergegaan door een slechte bedrijfsvoering, de economische crises en onverenigbare doelstellingen. Onverenigbaar is vooral het vast houden aan exclusieve kunstvoorwerpen met het streven sierkunst te maken die gemeengoed moet zijn. De producten van de Wiener Werkstätte zijn overigens niet alleen duur door hun exclusiviteit, maar vaak ook door het gebruikte materiaal. Al in 1906 heeft Koloman Moser zich daarom terugtrokken uit de Werkstätte. In 1932 valt de vereniging van sierkunstenaars uiteen.
|